zaterdag 5 december 2020 Home Zoek Contact Veel gestelde vragen Sitemap Print deze pagina  
 
 
 
Actueel
Nieuw op de site
Dossiers
Focus
Den Haag
Emancipatie algemeen
Varia
Servicepagina
Onze andere sites
 
 2003
 
 Naar de vorige pagina
 
 
 >  FOCUS  >  ONZE VROUW IN  >  NEW YORK
 >  2003 

13 oktober 2003

  • Binnenkomst op het wereldstrijdtoneel
''Ik begrijp het concept van verkrachting binnen het huwelijk'', zegt een afgevaardigde. ''Nee'', voegt een ander eraan toe. ''Het is toch ook niet mogelijk om politieagenten te laten controleren wat in bedden gebeurt?'''. Even later staat de mogelijkheid om gewelddadige echtgenoten uit huis te laten verwijderen op de agenda. Een andere deelnemer aan de discussie benadrukt het belang om via de weg van verzoening tot elkaar te komen. Bovendien: als iemand een keer in de fout is gegaan dan ga je toch niet meteen zulke rigoreuze stappen nemen? Westeuropese afgevaardigden dienen hem fel van repliek . Ze wijzen erop dat we hier te maken hebben met ''criminal offenses'' en dat we dus niet moeten wachten tot een man zijn vrouw de tweede keer in elkaar slaat.

Ik ben in New York  en val meteen midden in het wereldstrijdtoneel. In de allereerste, informele, bijeenkomst die ik bijwoon bij de Verenigde Naties wordt heftig gediscussieerd over de tekst van een verklaring in wording (in VN jargon concept- resolutie) die beoogt diverse vormen van geweld tegen vrouwen uit te bannen. Het gaat bijvoorbeeld over genitale verminking, huiselijk geweld, eerwraak, uithuwelijking en geweld tegen weduwen. Nederland is verantwoordelijk voor de behandeling van deze verklaring, een proces dat weken gaat duren. Ieder woord wordt op een goudschaal gelegd. Of Nederland erin zal slagen om de behandeling tot een goed einde te brengen?  Dat zou een heel mooi resultaat zijn, want het betekent dat regeringen zich uitspreken om een groot aantal vormen van geweld tegen vrouwen uit te bannen. Maar het is nog lang niet zeker of het gaat lukken, zoveel maken de discussies wel duidelijk. In de komende weken vertel ik u hoe het verder gaat.




1 juli 2003


De reacties zijn heftig als ik vertel waarover ik spreken wil bij de VN: vrouwenrechten en religie. Wie spreken wil over geloof speelt met vuur, dat wordt me snel duidelijk. “ structuren onderdrukken vrouwen en je kunt niet gelovig en feministisch zijn”, zegt de een. “Hoe kun je je in godsnaam baseren op teksten waarin de vrouw uit de rib van de man wordt geschapen?”. “Onzin”, beweert de ander, “je kunt heel goed religieus en geëmancipeerd zijn. Het gaat erom nieuwe invullingen te geven aan oude teksten en praktijken”. Nuances, kortom, zijn vaak ver te zoeken. Juist omdat religie raakt aan zingeving, identiteit en groepsverbondenheid lopen de emoties hoog op. Op een somber moment denk ik wel eens: wat heb ik me in hemelsnaam op de hals gehaald door iets over dit onderwerp te willen zeggen! Maar tegelijkertijd bevestigt de felheid van de reacties dat dit onderwerp ertoe doet. Er juist nu toe doet. Iets losmaakt en iets in beweging zet.

Een derde feministische golf?
Er zijn nu in Nederland een aantal vrouwen met een islamitische achtergrond die iets in beweging zetten. Ze organiseren zich. Zetten onderwerpen als emancipatie en geloof opnieuw in de schijnwerpers. Het heet zelfs dat een nieuwe feministische golf op komst is.Een nieuwe golf, nadat onder andere protestantse en katholieke vrouwen in Nederland een emancipatieproces doormaakten. Maar mag ik die twee “golven” wel met elkaar vergelijken? Ook op deze opmerking blijven kritische reacties niet uit. Toch vind ik de vergelijking hout snijden. De tweede feministische golf heeft vele facetten, waarvan het losmaken van pastoor en dominee er een van is. Door op een derde feministische golf te wijzen, zeg ik iets over moslima’s. “Dat is niet goed”, krijg ik dan te horen. “Dat is een verhaal dat moslima’s zelf moeten vertellen”. En verdergaand: waarom wil ik als humanist iets over religie vertellen ?Gelukkig is die vraag niet moeilijk te beantwoorden. Hoe persoonlijk iemands religieuze beleving ook mag zijn, wie naar onze samenleving kijkt ziet dat religie verweven is met macht en met culturele praktijken. Praktijken en machten die bepalen welke groepen de religieuze regels opstellen. Die de speelruimte van regeringen maar ook van individuele vrouwen beperken. Dat geldt voor vrouwen in Nederland, maar ook in Polen of in nog veel extremere mate in Afghanistan. We kunnen niet om de macht van religieuze groeperingen heen, ook al zijn er natuurlijk enorme verschillen tussen landen. Het is daarom juist nu, in een wereld die verder polariseert, belangrijk dat feministen zich over religie buigen. Of ze humanist, joods, of moslima zijn.

[De volgende bijdrage verschijnt op 1 september]




1 mei 2003


Zeven minuten mag ik spreken in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Maar hoe lever ik in die korte tijd een zinnige bijdrage aan de discussie over de positie van vrouwen wereldwijd? En wat heeft Nederland de rest van de wereld te melden op dit punt? Ik ben blij dat ik nog even de tijd heb om hierover na te denken. Een statement van zeven minuten is juist vanwege de korte duur een grote opgave.

Om mij voor te bereiden op mijn toespraak, heb ik in maart in New York de VN-vergadering van de Commission on the Status of Women bijgewoond. Al snel word mij daar duidelijk dat mijn oorspronkelijke ideeën te beperkt zijn. Ik moet iets anders bedenken. Maar wat? Hoe kun je je in zeven minuten tot de rest van de wereld verhouden? Sterk voel ik de verantwoordelijkheid van mijn taak op mijn schouders rusten. Nederland is namelijk het enige land ter wereld dat een vrouwenvertegenwoordiger heeft die zelf een statement mag schrijven dat ze namens de Nederlandse regering uitspreekt. Moet ik die zeven minuten niet aangrijpen om de talloze misstanden die in New York onderwerp van gesprek zijn, aan te kaarten? De verkrachtingen door het Birmese militaire regime, de gruwelijke cijfers over geweld tegen vrouwen, de peacekeeping forces die niet zonder grote aantallen ''troostmeisjes'' lijken te kunnen of de Europese Conventie die gendergelijkheid niet bepaald tot prioriteit rekent. Wat me niet loslaat is de weigering van Egypte, Iran en Sudan om geweld tegen vrouwen gepleegd in de naam van religie of traditie, te bestrijden. Dit alles, en nog veel meer, zou ik in die zeven minuten aan de orde willen stellen. Ik heb wel stof voor vijf statements!

Terug in Nederland, als alle indrukken zijn bezonken, ga ik me concentreren op dat ene statement dat ik moet schrijven en uitspreken. Ik realiseer me goed dat mijn toespraak verder moet reiken dan de emotie en verontwaardiging van het moment. Ik wil graag iets zeggen waardoor Nederland een wezenlijke bijdrage aan de discussies wereldwijd kan leveren. Geďnspireerd door de gebeurtenissen in New York besluit ik me te gaan richten op religie en vrouwenrechten.
Eerste gesprekken met mijn begeleidingsgroep en met het Ministerie van Buitenlandse Zaken leren dat dit een lastige opgave is, maar juist nu van groot belang. Het onderwerp dwingt tot nadenken over de heikele vraag of je (streng) gelovig en feministisch kunt zijn. En deze vraag is met vele andere omstreden kwesties aan te vullen. Kortom, een onderwerp dat de komende maanden genoeg stof tot nadenken oplevert.

[Wordt vervolgd op 1 juli 2003]



14 maart 2003

De regeringsdelegaties van Egypte, Pakistan en Iran veren overeind. De discussie gaat weer over geweld en religie. Ze zijn niet bereid verplichtingen aan te gaan om geweld tegen meisjes en vrouwen uit te bannen dat gepleegd wordt in de naam van traditie of religie. De afgevaardigde uit de VS wil eventueel het woord religie schrappen. Het is twaalf uur in de middag. Over zes uur sluit deze bijeenkomst. Men komt er niet uit, de voorzitter verdaagt de discussie naar een later tijdstip. Als ik drie uur later vertrek om mijn vliegtuig te halen, zijn er nog steeds geen definitieve conclusies  geformuleerd. Het is niet uitgesloten dat deze CSW geen uiteindelijke overeenstemming zal kunnen bereiken over het bestrijden van geweld tegen vrouwen. Een ongemakkelijk gevoel bekruipt me om zo te moeten vertrekken.




donderdag 13 maart 2003

Het opstellen en onderhandelen over een resolutie over Afghanistan is een van de vele gebeurtenissen op deze CSW. De Afghaanse resolutie is een van de vier waaraan nu gewerkt wordt. Verder staan er twee grote thema’s op de agenda: geweld tegen vrouwen en ICT/media. Daarnaast zijn er veel bijeenkomsten waar good practices worden uitgewisseld, inhoudelijke discussies plaatsvinden en strategieën worden ontwikkeld. Zo presenteert Marilyn French haar nieuwe boek en zijn voor- en tegenstanders bezig eenieder te overtuigen van de voor- dan wel nadelen van het organiseren van een nieuwe Wereldvrouwenconferentie.
 
De afgevaardigden die onderhandelen over de eindteksten over ICT/media maken voortgang, maar de onderhandelingen over geweld verlopen zeer moeizaam. Er zijn de nodige gevoelige punten, zoals de rol van religie en traditie in gewelddadige praktijken. Ook over het verbinden en criminaliseren van pornografie, prosititie en mensenhandel is veel debat. De onderhandelaars over geweld hebben gisteren aangekondigd dat ze vannacht waarschijnlijk door moeten werken om morgen voor zes uur klaar te zijn. Morgenavond, zes uur, gaan de lichten uit en houden de vertalers op. Dan is deze CSW echt afgelopen.

Ik kan helaas maar bij één bijeenkomst tegelijk aanwezig zijn en moet strenge keuzes maken. Gelukkig begint iedere ochtend met een ''briefing'' waarin de stand van zaken toegelicht wordt. En dankzij het goede onderling overleg met de andere Nederlandse afgevaardigden krijg ik ook veel informatie over workshops en bijeenkomsten waar ik niet aanwezig kan zijn. Ik probeer in dit alles zo goed mogelijk voor ogen te houden waarom ik hier ben: om me voor te bereiden op mijn deelname aan de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties later dit jaar.


woensdag 12 maart 2003

Tay Tang begint te stralen als de nieuwe VN-resolutie over de situatie van meisjes en vrouwen in Afghanistan wordt uitgedeeld. Dit document ondersteunt het proces om de positie van vrouwen in dit land te verbeteren. Ook Nederland heeft zich ingezet voor de Afghaanse resolutie en Afghaanse vrouwen zijn naar New York gekomen om hun zaak toe te lichten.

Tay Tang: ''Ik hoop zo op een vergelijkbare resolutie van de Verenigde Naties voor de vrouwen in Birma. We zijn al tien jaar bezig hiervoor te lobbyen.'' Tay Tang,  afkomstig uit Birma en gevlucht naar Thailand, komt naar de Commission on the Status of Women om aandacht te vragen voor  Birma. Zorgvuldig gedocumenteerd materiaal moet de internationale gemeenschap duidelijk maken dat het militaire regime in Birma verkrachting inzet om de bevolking te intimideren.

Vrouwen uit Afghanistan en Birma maken gebruik van de CSW om aandacht te vragen voor hun situatie. Kort, in de marge van een bijeenkomst met EU-vertegenwoordigers, wordt ook gesproken over de Europse grondwet in wording, de Europese Conventie. De berichten over het verankeren van gelijke rechten van vrouwen en mannen in de Europese constitutie zijn somber. Ik vraag me af: het zou toch niet zo moeten zijn dat wij straks in Europa aan een VN resolutie moeten gaan denken …




maandag 10 maart 2003

Moet er weer een grote VN-Wereldvrouwenconferentie komen? Deze vraag houdt de gemoederen hier in New York bezig. Heeft het zin om in 2007 een follow up van de Beijing conferentie te organiseren? Voor- en tegenstanders proberen de partijen te mobiliseren. Ze delen pamfletten uit en organiseren bijeenkomsten tijdens de Commission on the Status of Women (CSW).

De Verenigde Naties hebben in de afgelopen decennia een aantal grote conferenties georganiseerd over onderwerpen als duurzame ontwikkeling, milieu, bevolkingsvraagstukken, racisme, ''ageing'' en niet te vergeten de Wereldvrouwenconferenties.  Hiermee heeft de VN belangrijke thema's breed onder de aandacht willen brengen. Maar hoe zinvol is het om deze bijeenkomsten te beleggen? En wat heb je aan al die mooie afspraken die hier worden gemaakt? En hoe effectief is het om tien jaar na dato te evalueren of er iets terecht is gekomen van alle beloften?  Deze vraag houdt niet alleen de VN zelf bezig, ook de deelnemers aan de CSW discussiëren hierover volop.

Voorstanders van een nieuwe grote bijeenkomst wijzen op de uitstraling die een dergelijke VN-conferentie heeft. Het brengt vrouwen- en gendervraagstukken weer onder de aandacht. Zowel regeringen als maatschappelijke organisaties worden in beweging gezet. Ook  kunnen nieuwe groepen vrouwen, met name jongere vrouwen, geďnspireerd worden door een dergelijke conferentie.

Maar, zeggen de tegenstanders, er zijn al zulke goede afspraken gemaakt in Beijing. ''Strong language'', in VN-jargon.  Het klimaat is nu verslechterd. Conservatieve krachten proberen onder andere eerder vastgestelde  seksuele en reproduktieve rechten van vrouwen onderuit te halen. Een nieuwe conferentie zou wel eens een gevecht kunnen worden om verworven rechten te behouden. En bovendien: wat hebben we aan al die mooie woorden op papier? Het gaat erom dat afspraken in praktijken worden omgezet. We willen actie. Of in beleidsmakerstaal: implementatie.

Juist nu alle ogen van de wereld op de VN zijn gericht, zou een ieder die een betere positie van vrouwen nastreeft veel meer gebruik moeten maken van alle ''strong language'' die hier al uitgesproken is. Niet onbelangrijk is dat overeenkomsten in VN-verband door (bijna) alle landen van de wereld zijn gemaakt en ondertekend. Daarom zouden deze afspraken veel meer richtinggevend kunnen zijn in de Nederlandse discussies zijn over multiculturaliteit en emancipatie. Wat de beslissing over een nieuwe Wereldvrouwenconferentie ook wordt, laten we vooral goed gebruik maken van die ''strong language'' !


vrijdag 7 maart 2003

Het is bijzonder om hier vandaag in het hoofdgebouw van de Verenigde Naties te zijn. Terwijl wij in de kelders van het gebouw Internationale Vrouwendag vieren, brengt Blix een verdieping hoger verslag uit van zijn bevindingen in Irak. Talloze cameraploegen verslaan Blix” toespraak, helicopters vliegen rond en de bewaking is nog strenger als normaal. De discussies over een op handen lijkende oorlog tegen Irak laten de deelnemers aan de CSW niet onberoerd. De oorlog is onderwerp van discussie, petities worden getekend en vanochtend heeft een demonstratie plaatsgevonden. Het valt mij op dat ik nog niemand gehoord of gesproken heb die zich voorstander toont van militair ingrijpen in Irak. Ik realiseer me de ironie van de situatie. De CSW vergadert over het voorkomen van geweld tegen vrouwen in de schaduw van een besluit over een mogelijke oorlog tegen Irak.


dinsdag 4 maart 2003

''Hoe kun je voorkomen dat internet wordt misbruikt voor vrouwenhandel? Hoe weerleggen we kritiek op het Nederlandse prostitutiebeleid?''. Deze, en nog veel meer vragen gaan over de tafel tijdens onze eerste bijeenkomst op de Nederlandse missie in New York. We zitten op de zeventiende verdieping en zien de wolkenkrabbers scherp aftekenen tegen een ijsblauwe lucht. Ondertussen discussieren vrouwenorganisaties en regeringsvertegenwoordigers over de vergadering van de Commission on the Status of Women (CSW). Deze bijeenkomst vindt in de eerste twee – koude – weken van maart plaats. Met het bijwonen van deze CSW vergadering zijn de voorbereidingen voor mijn deelname aan de regeringsdelegatie echt begonnen. In oktober zal ik een maand lang deelnemen aan de Algemene Vergadering van de Verenigde Natives. Ook mag ik dan een zeven minuten durend statement uitspreken. De CSW vergadering geeft mij de gelegenheid om mij inhoudelijk goed voor te bereiden op dit statement. De CSW is een commissie van de Verenigde Naties die zich inzet om de positie van vrouwen te verbeteren. Zo houdt de CSW in de gaten wat er terecht komt van alle afspraken die in het verleden zijn gemaakt. In korte tijd raak ik onder de indruk van het werk dat is verzet door de CSW. Hier wordt groots gedacht. Dit jaar evalueert de CSW twee grote onderwerpen: geweld tegen vrouwen en media/ICT. Geweld tegen vrouwen is een thema dat al eerder veel aandacht kreeg. Opvallend is dat er nu mensen- en vrouwenhandel hoog op de agenda staat en het zogenaamde geweld achter de voordeur naar de achtergrond lijkt te verdwijnen. Media en ICT is een relatief nieuw onderwerp, op de agenda gekomen vanwege de stormachtige ontwikkelingen op dit terrein. Op de CSW vergaderen regeringsdelegaties uit vrijwel alle landen van de wereld. Daarnaast zijn er maatschappelijke organisaties waaronder veel vrouwenorganisaties(de zogenaamde NGO’s, de non-gouvernemental organisations) aanwezig. Als de vergadering begint zijn er zo’n 400 NGO’s, voornamelijk uit Amerika en Europa. Naast de officiele vergaderingen voor de regeringsdelegaties beleggen de NGO’s zo’n 200 bijeenkomsten over geweld, media en ICT. Wie voor het eerst bij de CSW is, duizelt het binnen korte tijd van zoveel bijeenkomsten en zoveel informatie. Ik knoop de raad van mijn Nederlandse collega’s om heel selectief naar bijeenkomsten te gaan goed in de oren.


Nuttige links en overige informatie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 



[ Pagina: <<< 1 2 ]