donderdag 9 april 2020 Home Zoek Contact Veel gestelde vragen Sitemap Print deze pagina  
 
 
 
Actueel
Nieuw op de site
Dossiers
Focus
Den Haag
Emancipatie algemeen
Varia
Servicepagina
Onze andere sites
 
 Femke Halsema
 
 Naar de vorige pagina
 
 
 >  FOCUS  >  TK-VERKIEZINGEN 2003  >  VERKIEZINGSDEBAT
 >  DEELNEEMSTERS  >  FEMKE HALSEMA 
TK-VERKIEZINGEN 2003 - EMANCIPATIEDEBAT

Reactie FEMKE HALSEMA (GROENLINKS) op de stellingen

1. In het komend kabinet moeten evenveel vrouwen als mannen zitten.

Eens.
Na het huidige dieptepunt is het tijd voor een nieuw hoogtepunt.


2. Inburgering: niet alleen nieuwe generaties migrantenvrouwen, maar ook de eerste generaties moeten voor hun integratie gerichte aandacht krijgen in de vorm van verplichte inburgeringscursussen.

Eens.
Soms is paradoxaal genoeg dwang nodig om vrouwen ee wapen in handen te geven voor hun emancipatie. Maar het mag nooit bij dwang blijven. Vrouwen en hun organisaties verdienen steun bij hun emancipatiestrijd.


3. Het is rechtvaardiger de hoge instroom van jonge vrouwen in de WAO te bestrijden door de kwaliteit van het werk te verbeteren dan de WAO-toelatingseisen aan te scherpen.

Eens.
De oorzaak van de hoge WAO-instroom van vrouwen ligt in die werkomstandigheden. Als je die niet aanpakt blijf je bezig met symptoombestrijding. Je laat vrouwen dan zelf de prijs betalen voor de soms beroerde werkomstandigheden.


4. Bij de vaststelling van een veilig land in de asielprocedure moet ook rekening worden gehouden met het specifiek geweld en gevaren die vrouwen lopen.

Eens.
Asielzoekers hebben recht op een individuele beoordeling. Een rechtvaardig beleid houdt dus rekening met individuele omstandigheden, zoals geweld tegen vrouwen.


5. Politieke partijen die vrouwen uitsluiten van het lidmaatschap hebben geen recht op overheidssubsidie.

Oneens.
Een subsidiestop is ongeveer hetzelfde als het verbieden van de SGP. Daar ben ik niet voor: ook relegieuze minderheden hebben recht op hun vertegenwoordiging. De godsdienstvrijheid en de vrijheid van vereniging verdienen bescherming. Dat neemt niet weg dat ik het zeer oneens ben met deze lijn. Omdat dergelijke partijen maar de helft van de bevolking willen vertegenwoordigen wil ik nog wel nadenken over een halvering van hun subsidie.


6. Bestrijding van huiselijk geweld, zowel bij autochtonen als bij allochtonen, moet een uitdrukkelijk speerpunt zijn in het veiligheidsbeleid.

Eens
Weinig vormen van geweld maken zoveel slachtoffers als huiselijk geweld. Vooral vrouwen en kinderen lijden daaronder. Een veilige samenleving begint bij een veilig thuis. De bestrijding van geweld in de dagelijkse leefomgeving verdient een veel hogere prioriteit dan de bestrijding van vormen van criminaliteit waar veel minder mensen last van hebben, zoals de bolletjesslikkers.


7. Om de schaarste in de kinderopvang tegen te gaan, is marktwerking het beste middel.

Oneens.
Een markt werkt goed als er voldoende aanbod is, de klanten iets te kiezen hebben en niet afhankelijk zijn van de aanbieders. In de kinderopvang is daarvan geen sprake: marktwerking is dus geen oplossing. Zorgen voor meer en beter aanbod en voor een fatsoenlijke bijdrage van de overheid en de werkgevers is een betere oplossing.


8. Nu de loonverschillen tussen vrouwen en mannen de laatste tien jaar nauwelijks zijn verminderd, is het tijd dat de overheid aanvullende maatregelen neemt.

Eens
Deze loonverschillen zijn een restant van voorbije tijden. Werkgevers hebben lang genoeg de tijd gehad dit zelf op te lossen. Nu ze dit niet doen, moet de overheid deze vorm van discriminatie uit de wereld helpen.


9. Een levensloopregeling moet er in voorzien dat ook jongere mensen in verband met zorg of studie langer durend verlof kunnen opnemen, bijvoorbeeld in de vorm van een verlofhypotheek.

Eens
Tijdstress is één van de grootste problemen van deze tijd. Vooral jonge ouders hebben daar last van. Een moderne verlofregeling moet dus juist daar een oplossing voor bieden. Ik streef naar een meer ontspannen samenleving.


10. In het kader van gendermainstreaming moeten in de komende kabinetsperiode alle departementen opnieuw 3 concrete taakstellingen emancipatie formuleren en uitvoeren.

Eens
De emancipatie is nog niet voltooid: kijk maar naar de samenstelling van het kabinet of naar de beloningsverschillen. Je kunt de zorg voor emancipatie niet op het bordje van één bewindspersoon leggen; alle ministers en ministeries zijn daarvoor verantwoordelijk. Concrete doelstellingen horen daarbij: anders blijft het allemaal veel te vaag en kunnen ministers zich er te makkelijk onderuit draaien.


11. De overheid moet zelf een eenduidig voorbeeld geven bij de doorbreking van het ‘glazen plafond’, in ieder geval door bij benoemingen strikt vast te houden aan 50/50.

Eens
De overheid moet een ambitieus emancipatiebeleid voeren. Dat kan alleen op een geloofwaardige manier door zelf het goede voorbeeld te geven: zorgen voor een evenwichtige samenstelling van het ambtenarenapparaat, óók op hoge posities. Die strikte norm moet natuurlijk op een werkbare manier en met behoud van kwaliteit worden toegepast.