zaterdag 26 september 2020 Home Zoek Contact Veel gestelde vragen Sitemap Print deze pagina  
 
 
 
Actueel
Nieuw op de site
Dossiers
Focus
Den Haag
Emancipatie algemeen
Varia
Servicepagina
Onze andere sites
 
 Opinies
 
 Naar de vorige pagina
 
 
 >  FOCUS  >  KABINETSFORMATIES  >  2002
 >  EMANCIPATIE IN ...  >  OPINIES 

Wij vroegen een aantal opinieleiders naar hun mening over de emancipatiekoers in het nieuwe regeerakkoord. Hier hun bijdragen:




Naima Azough
Tweede-Kamerlid voor GroenLinks

 


Ga toch koken...

Gelijkheid van man en vrouw was toch de kern van de Nederlandse culturele identiteit? Dit was toch een grondrecht waar niet op afgedongen mocht worden? Het kan verkeren. In dit regeerakkoord bestaat de wereld uit burgers, ondernemers, consumenten en migranten, maar niet uit vrouwen. Alleen allochtone vrouwen worden in dit regeerakkoord, en dan nog slechts zijdelings, genoemd. Jammer, want vrouwenrechten leken de afgelopen maanden aan urgentie te winnen. Eindelijk, want als er iets te lang op te weinig regeringsbelangstelling kon rekenen, was het wel de kwetsbaarheid van emancipatie als recht. Maar is dat onderwerp na alle culturele macho-taal terug te vinden in het regeerakkoord? Nee.

Aan veiligheid wordt bijvoorbeeld een belangrijk deel van het akkoord gewijd. Maar veilig moet je je niet alleen op straat voelen. Juist achter de voordeur is dat gevoel van veiligheid bedrieglijk. Zo zijn er jaarlijks zeven dodelijke slachtoffers van zinloos geweld, maar daar staan jaarlijks zeventig doden als gevolg van geweld thuis tegenover. De maatschappelijke verontwaardiging over geweldscriminaliteit is groot, en terecht, maar elk jaar worden ongeveer 200.000 vrouwen het slachtoffer van mishandeling door hun partner of ex-partner. De preventie en aanpak van deze vorm van geweld zou alleen al op basis van de statistieken eveneens prioriteit moeten krijgen, maar helaas geen woord hierover.

De wereld lijkt ver weg in dit akkoord, zeker als het gaat om het internationale aspect van vrouwenrechten. Georganiseerde vrouwenhandel, uitbuiting en gedwongen prostitutie komen niet voor onder het kopje internationale criminaliteit. Vrouwen die vluchten voor seksuele onderdrukking, of geweld op grond van hun geslacht of geaardheid hoeven ook niet bij dit kabinet aan te kloppen. Net als homoseksuele mannen trouwens. Zouden trouwens de termen achterlijk en cultuur nog tijdens de onderhandelingen zijn gebruikt? In de verdediging van die combinatie van woorden had de LPF het standaard over gebruiken als vrouwenbesnijdenis (een gebruik dat trouwens niet uit de islam voortkomt). Als je vrouwenrechten serieus neemt, dan moet je mensonterende praktijken als vrouwenbesnijdenis inderdaad bestrijden. Juist daarom is het op zijn minst vreemd dat in het akkoord wel gesproken wordt over een evaluatie van ''het functioneren van de wettelijke regelingen, de handhaving en de praktijk om abortus heen'', maar dat iets als genitale verminking niet wordt genoemd. Ofwel, we beginnen bij vrouwenbesnijdenis, om vervolgens abortus weer ter discussie te stellen?

Er is één uitzondering: op het vlak van de arbeidsmarkt worden vrouwen genoemd, allochtone vrouwen om precies te zijn. Zij moeten hup de arbeidsmarkt op om te emanciperen maar vooral ook om te integreren. Onderwijs, zorg en welzijn, worden alle niet genoemd. Nu kan ik het mis hebben, maar integratie was toch een heftig onderwerp nog niet eens zo lang geleden? Maar in dit akkoord lijkt deze intrede op de arbeidsmarkt niet een kwestie waar de onderhandelaars zich nou eens lekker over hebben gebogen. Één zinnetje! Juist een coalitie die het nu allemaal eens echt gaat aanpakken, zou het hier niet moeten laten bij een enkele zin, maar zou streefcijfers, concrete afspraken en registratie van die eventueel hogere participatie centraal moeten stellen. Geen woorden, maar daden. Of moeten allochtone vrouwen wel integreren, maar niet te veel emanciperen ten koste van het christen-democratisch of fortuynistisch ideaalplaatje?

Kortom, vrouwenrechten klinken leuk in verkiezingstijd, maar als het om ''practice what you preach'' gaat, blijft het oorverdovend stil.




Lans Bovenberg
hoogleraar algemene economie en directeur van het Center for Economic Research aan de Katholieke Universiteit Brabant.



Regeerakkoord geeft aanzetten voor modern levensloopbeleid

Het regeerakkoord bevat goed nieuws voor vrouwen. In de eerste plaats versterkt het nieuwe kabinet de kerntaken van de overheid: criminaliteitsbestrijding en rechtshandhaving. Het kabinet versterkt de positie van slachtoffers van criminaliteit. Gewelds- en zedendelicten worden harder aangepakt. De overheid is niet waardenloos, maar bouwt aan gemeenschappelijke waarden, zoals respect voor elkaar, de rechtsstaat en de fundamentele rechten van de mens – inclusief de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen. Geen moreel relativisme dus maar heldere standaarden. Degene die deze waarden niet wenst te onderschrijven is niet welkom. Verscheidenheid, ook tussen man en vrouw, kan niet zonder gemeenschappelijke, niet-onderhandelbare waarden. De spiraal van zinloos geweld, waarvan kinderen, vrouwen en ouderen dagelijks het slachtoffer worden, moet worden gestopt. Dat is terecht de eerste prioriteit van dit kabinet.
Terwijl het kabinet deze kerntaak krachtig wil uitvoeren, wil het op andere punten minder sturen en voorschrijven door meer keuzevrijheid te bieden. Terwijl paars vrouwen vooral zag als extra krachten voor de gespannen arbeidsmarkt (de staatssecretaris vond zelfs dat emancipatiezaken aan het ministerie van Economische Zaken moest worden uitgeleverd), legt dit kabinet meer nadruk op het vergroten van de keuzevrijheid van partners bij het combineren van arbeid en zorg. Het gaat om het vinden van optimale in plaats van maximale arbeidsparticipatie.

Niet alleen arbeid maar ook informele zorg krijgt de waardering die het verdient. De meeste ouders in ons land willen de opvoeding niet uitbesteden aan de overheid (zoals in Scandinavië) of de markt (zoals in de VS), maar wensen  zelf een cruciale rol te spelen. In plaats van vrouwen te bekeren tot de eendimensionale waarden van de carrière-man (de geëconomiseerde workaholic), gaat het er om de man te emanciperen tot de meerdimensionale ‘ vrouwelijke’ waarden (waaronder het vinden van een balans tussen werk en privé). De vrouw heeft de talenten die de 21e eeuw eist: creativiteit, aandacht voor ‘zachte’ waarden, communicatieve vaardigheden en aandacht voor het intergenerationele contract waarbij elke generatie twee keer zorgt: één keer voor de volgende generatie en één keer voor de voorgaande generatie. Emancipatie gaat vooral om de man. Deze eeuw wordt de eeuw van de vrouw en het is voor de man te hopen dat hij zich dat op tijd realiseert. 

In plaats van vrouwen te dwingen in de dwangbuis van het combinatiemodel (waarbij beide partners drie kwart werken), economische onafhankelijkheid, of carrière, zet het nieuwe kabinet in op echte keuzevrijheid: een meer ontspannen samenleving waarin mannen en vrouwen hun eigen model kiezen, ook al impliceert dit dat men kan kiezen voor relaties waarin men niet alleen emotioneel maar financieel van elkaar afhankelijk is. Het kabinet maakt schoon schip met allerlei ingewikkelde, paternalistische, en betuttelende  regelingen. In plaats daarvan komt een nieuwe levensloopverzekering die mensen meer keuzevrijheid biedt en waarvan ook alleenstaanden zonder kinderen kunnen profiteren. Ondanks het uiterst krappe financieel-economische kader is het kabinet er toch in geslaagd middelen vrij te maken voor deze innovatie. Ook huishoudens met kinderen gaan er op vooruit, met name huishoudens met lage inkomens. Dit is uiterst belangrijk voor vrouwen uit gezinnen die het al niet te breed hebben. Verder geeft het vrouwen meer onderhandelingskracht achter de keukentafel als de kinderwens ter sprake komt. Vrouwen kunnen weer eerder moeder worden. Ook hoeven mannen minder te vluchten in hun carrière om de kinderwens financieel mogelijk te maken. Ook het dereguleren van het onderwijs en het introduceren van vraagsturing in de kinderopvang helpt hierbij. In plaats van zich te richten op gedetailleerde publieke regelgeving kunnen instellingen zich richten op de wensen van ouders. Dit biedt meer ruimte voor allerlei experimenten met nieuwe werkvormen en dagindeling.

Het idee achter de levensloopverzekering (het is eigenlijk een spaarregeling) is dat mannen en vrouwen meer ruimte krijgen in de drukke middenfase van het leven om te investeren in het menselijk kapitaal van zichzelf en dat van hun kinderen. Vrouwen krijgen de mogelijkheid om hun talenten, ook tijdens de gezinsfase, te ontwikkelen en te onderhouden. Ook mannen krijgen de ruimte om zorgtaken op zich te nemen en worden minder geconditioneerd op het maken van een vroege carrière. Bedrijfsculturen worden gestimuleerd te veranderen: in plaats van jongeren aan te zetten tot een snelle carrière komt er meer aandacht voor het investeren in ouderen en herintreders en het bieden van ruimte aan jonge ouders om hun zorgtaken goed te kunnen uitvoeren. Ook tweede carrières worden beter mogelijk. 

Het regeerakkoord legt op verschillende manieren een goede basis voor een verdere uitbreiding van deze ‘verzekering’ in de toekomst en daarmee voor het ontlasten van de gezinsfase en het bevorderen van investeringen in menselijk kapitaal. In de eerste plaats impliceert het aflossen van de staatsschuld dat ook in een vergrijzende samenleving de begroting op orde blijft en er in de toekomst geen zware lasten hoeven te worden neergelegd bij mensen in de middenfase van het leven. In de tweede plaats zet het kabinet in op het verhogen van de effectieve pensioenleeftijd, bijvoorbeeld door het introduceren van de sollicitatieplicht voor oudere werklozen, het verkrappen van de fiscale faciliteiten voor pre-pensioen, en het bestrijden van het misbruik van de WW and WAO als vervroegde uitredingsregeling door allerlei anti-cumulatieregelingen. De daadkracht van dit kabinet is verfrissend na de houdgreep waarin de partners van paars II elkaar hielden. Deze weinig populaire maatregelen leveren op de korte termijn weinig op, maar zijn uiterst belangrijk. Ze zetten wissels om door het bevorderen van het onderhoud van menselijk kapitaal. Mensen worden gestimuleerd te beleggen in menselijk kapitaal in plaats van financieel kapitaal.

Het arbeidzame leven wordt verlengd waardoor er meer ruimte komt in het spitsuur van het leven. Door het verminderen van de lasten van het verzekeren van de oude risico’s (werkloosheid en arbeidsongeschiktheid) komen er meer middelen vrij voor het verder optuigen van de levensloopverzekering. In plaats van dat sommige vrouwen op 35 jarige leeftijd zijn opgebrand en hun partners de WAO (of WW) kunnen gebruiken als een kostwinnersfaciliteit, worden alle vrouwen (ook degenen die er wel in slagen arbeid en zorg te combineren) in staat gesteld om goed overeind te blijven tijdens het spitsuur van het leven door te blijven investeren in hun talenten. 

Het regeerakkoord mist ook kansen. In plaats van de onroerend zaakbelasting (OZB) had de overdrachtsbelasting beter geleidelijk afgeschaft kunnen worden, zodat mensen hun woonplaats beter kunnen afstemmen op hun werkplek. Verder doet het regeerakkoord niets aan de fiscale windhandel met hypotheken en leningen, waardoor met name jonge ouders het slachtoffer worden. In plaats van een cadeautje te geven aan degenen die hun hypotheek al hebben afgelost, had het kabinet meer moeten doen aan het verbeteren van de toegang van jonge gezinnen tot de woningmarkt.

Ondanks deze kritische kanttekeningen lijkt dit kabinet magere jaren te gaan benutten voor het opzetten van een modern levensloopbeleid gericht op een meer ontspannen samenleving waarin emancipatie meer is dan het op de arbeidsmarkt van zetten van vrouwen. Het gaat om het vergroten van keuzevrijheid, het ontwikkelen en onderhouden van talenten (menselijk kapitaal), het emanciperen van jonge mannen door ze aan te moedigen zich minder eenzijdig te ontwikkelen in hun carrière, en het veranderen van de mannelijke bedrijfsculturen door meer aandacht voor vrouwelijke waarden.




Jet Bussemaker
Tweede Kamerlid voor de PvdA

 

 

Emancipatiekoers in het regeerakkoord

De aandacht voor emancipatie in het regeerakkoord is 0. Hoe lang is het geleden dat er in een regeerakkoord blijk werd gegeven van zoveel gender-blindheid?
Dat laat onverlet dat de voornemens wel degelijk consequenties zullen hebben voor vrouwen en voor emancipatie in het algemeen! Helaas wijzen die slechts in één richting.

Er wordt veel aandacht besteed aan veiligheid in de publieke ruimte. Maar de onderhandelaars gaan geheel voorbij aan onveiligheid in de privé-sfeer. Als je onveiligheid wilt bestrijden en normen en waarden veel aandacht wilt geven zal je moeten beginnen het recht op zelfbeschikking en zelfstandigheid van vrouwen in de privé-sfeer te garanderen!

Zou men nagedacht hebben over wie getroffen wordt door het verhogen van de inkomenseis naar 130 % van het wettelijk minimumloon als voorwaarde om te kunnen trouwen met iemand van buiten de EU? Degenen met lage inkomens en deeltijdbanen hebben blijkbaar geen vrije partnerkeuze.

Als je zoveel mooie woorden besteedt aan samenwerking, gemeenschappelijke belangen, zorg voor elkaar en algemene opvattingen over hoe het hoort als in het regeerakkoord, hoe kan je dan zo voorbij gaan aan de betekenis van onbetaalde zorg? Het CDA had nog zo mooi in het verkiezingsprogramma staan dat ze uitbreiding wilde van ouderschapsverlof, een langdurige voorziening voor mantelzorgverlof en het stimuleren van vrijwilligerswerk door het invoeren van maatschappelijke stages. Maar niets daarvan is terug te vinden!

Wat over is gebleven is een levensloopverzekering. Dat is, zoals het er nu uitziet, niet zozeer een verzekering, als wel een wisseltruc door een nieuwe naam voor de al bestaande regeling voor verlofsparen te bedenken. Eerst bespaart men 0,15 miljard door de fiscale regeling voor verlofsparen en de regeling voor loopbaanonderbreking af te schaffen, en vervolgens begroot men 0,20 voor een levensloopfaciliteit. Dat is wel een erg dure sigaar uit eigen doos.

Op het terrein van de arbeidsmarkt worden vrouwen toch één keer genoemd. Samen met ouderen, laaggeschoolden en allochtonen. Zij moeten namelijk meer gaan werken. Maar over hoe dat moet geen woord. Zouden de onderhandelaars er over nagedacht hebben dat veel van de voorstellen om de WAO-instroom te beperken vooral vrouwen treffen? Zou iemand bedacht hebben dat van de ruim 60.000 mensen met een Melkertbaan de helft vrouw is, waaronder veel laaggeschoolde migrantenvrouwen? Wat blijft er voor hen over als meer dan ¾ van de banen geschrapt zal worden? Van nieuwe initiatieven op dit terrein is al helemaal geen sprake, terwijl het materiaal daarvoor klaar ligt.

Zo zijn er meer voorbeelden te noemen, waarbij we het nog niet hebben gehad over de vormgeving van het beleid zelf. Zou er überhaupt nog een coördinerend bewindspersoon emancipatiebeleid komen? Als die er al komt zal zij of hij, vrees ik, weinig te coördineren hebben.

Mijn conclusie: dit regeerakkoord heeft een duidelijke koers over emancipatie. Met volle kracht achteruit!




Niny van Oerle
Tweede-Kamerlid voor het CDA

 

 

Er is nog veel te doen….

Oplossingen komen het best tot hun recht als ze vanuit de basis worden aangedragen en door diezelfde basis worden gedragen. Dat geldt ook voor de emancipatie van vrouwen. Daarom is er op basis van het strategisch document volop ruimte voor vrouwenorganisaties. Dit in tegenstelling tot wat collega Bussemaker beweert, die blijkbaar alleen iets goed vindt als het tot het kleinste detail vooraf is geregeld. Er zijn volop handreikingen in dit document die de organisaties uitnodigen. De vrouwenbeweging heeft veel ervaring het maatschappelijk debat, de  vooroordelen, weerstanden en ongelijke behandeling, dicht bij de mensen aan te zwengelen om deze te overwinnen.

De vrouwenbeweging is in de afgelopen kabinetten uitgekleed. Subsidie en geldstromen moeten en kunnen beter verdeeld worden. Nu hebben de organisaties daar onvoldoende mensen en middelen daarvoor beschikbaar. Deze organisaties moeten niet centralistisch aangestuurd worden door een overheidsbureau maar moeten van onderop de participatie van vrouwen en mannen op alle gebieden in de samenleving gelijkwaardig in diversiteit aan de orde stellen.

Er staan tal van voorstellen in het strategisch document die de combinatie van werken en zorg beter mogelijk moeten maken. Het levensloop sparen, de uitbreiding van kinderopvang, het levenslang kunnen leren. Met betrekking tot de WAO moet er duidelijk meer aan preventie worden gedaan, hetgeen voor vrouwen extra belangrijk is. Er wordt ook meer aandacht aan werkdruk in de zorg en in het onderwijs besteed, enz.

Maar emancipatie is niet alleen een economisch vraagstuk. We moeten blijven werken aan de cultuurverandering. Trouw van 5 juli over loopbaan signaleert dat nogmaals aan de hand van interviews met vier goed opgeleide vrouwen: “mannelijk” blijft te vaak de norm. “De mannen zijn aan zet”.

Emancipatie is een lange-termijn-proces. De emancipatiebewegingen  hebben al prioriteiten voor het regeerakkoord aangedragen. Die willen we meegeven aan het kabinet die het strategisch document van doelstelling en taken zal gaan voorzien. Het CDA wil de dialoog tussen overheid en samenleving omtrent gendermeanstreaming in een betere balans brengen.

Maandag 8 juli heb ik daarover een eerste gesprek met de Vrouwen Alliantie, De Nederlandse Vrouwen Raad en Tiye International, een gesprek om de aanbevelingen uit een gedeelte van het veld verder toe te spitsen op de kansen die er zijn. Ook heb ik reeds een gesprek met Toplink gehad waar ik hun vragen heb gehoord. Woensdag 10 juli heb ik een werkbezoek bij DCE waar ik ook wil zoeken waar ondersteuning en samenspel van het departement en emancipatie-ondersteuningsinstellingen productief kunnen zijn om onze doelen te realiseren. Wat het CDA betreft zijn er kansen, maar is er ook nog veel te doen, zoals de implementatie van het VN-Vrouwenverdrag, breken van het glazen plafond, specifieke aandacht voor zwarte, migranten en vluchtelingen vrouwen, het beter verdelen van zorg en arbeid taken tussen mannen en vrouwen, gelijke beloning...

Ik zei het al: er is nog veel te doen!




Joyce Outshoorn
Hoogleraar vrouwenstudies, Universiteit Leiden

 

 

 

De algemeenheidsmythe hersteld

Met het strategisch akkoord voor het kabinet CDA, LPF en VVD is het al niet anders dan in de verkiezingsstrijd: een schrikbarende afwezigheid van vrouwen. In het akkoord lijkt het wel alsof we al leven in het rijk van de seksegelijkheid. Het bestaat vooral uit wat Joke Smit ooit de ‘algemeenheidsmythe’ noemde: veel gepraat over mensen, burgers, consumenten, ouderen, migranten, ondernemers en ‘herintreders’ (!), waardoor het feit dat de mensheid uit twee seksen bestaat, verhuld wordt.

Ondanks het hoge CDA gehalte (‘de samenleving is meer dan de optelsom van individuen’, ‘onderlinge betrokkenheid versterken’) gaat het vooral om de economie. In het voorwoord staat nog dat de essentie van het kabinetsbeleid versterking van de mogelijkheden om te ondernemen, te werken en te participeren in de samenleving is, maar dat laatste is mooi verdwenen uit het roemruchte A 4tje dat iedereen leest. ‘De economie, dat zijn ondernemende mensen, die hun werkkracht, inventiviteit, creativiteit en hun durf en moed inzetten om goederen en diensten te produceren’ lezen we verder. Wat denigrerend voor anderen, vooral van vrouwen, die niet in de economie zitten.

Sekse wordt alleen relevant geacht als het gaat om de bevordering van arbeidsparticipatie: vrouwen zijn een van de doelgroepen van beleid. Bij alle overige terreinen wordt geen sekseonderscheid gemaakt. Top vier van ernstige missers:

1. bij alle retoriek over bestuurlijke vernieuwing en zorg over de burger die zich niet herkent in de politiek zou je toch verwachten dat het dalende aantal vrouwen in gekozen raden tot probleem zou worden gemaakt: het kabinet is toch van plan de representatieve democratie te versterken om de burger het vertrouwen te geven dat ‘zijn’ stem beter wordt gehoord?

 2. betere mobiliteit wordt alleen in verband gebracht met economische groei en werk. Ooit bedacht dat er naast werk en ‘pret’ kilometers ook heel wat ‘zorg’ kilometers worden gemaakt?

3. Bij de toelating van vluchtelingen telt seksediscriminatie niet als grond voor de erkenning van vluchteling.

4. Bij de bestrijding van de criminaliteit wordt aan vrouwenhandel (internationaal én georganiseerd) en gedwongen prostitutie in Nederland geen voorrang gegeven.

En dan toch maar weer abortus. Ondanks een breed gedragen wet en een uitstekende praktijk zijn er toch nog mensen binnen het CDA die denken dat de wet aan de laars wordt gelapt omdat vrouwen zelf beslissen over een abortus: wet en praktijk moeten worden geëvalueerd. Goed dat Wij Vrouwen Eisen nog bestaat!




Janneke Plantenga
bijzonder hoogleraar Kinderopvang, Rijksuniversiteit Groningen

 

 

Terug bij af (maar u ontvangt wel 200,-)

Als wetenschapper heb je natuurlijk makkelijk praten. Je hoeft geen vuile handen te maken. Je staat gewoon aan de zijlijn en roept dat er weer eens niks van deugt. Zo heb ik Paars wel eens inconsistentie verweten omdat zij wel zwaar inzette op een hogere arbeidsmarktparticipatie van vrouwen, maar vervolgens buitengewoon zuinig bleef met verlofregelingen, een ingewikkelde Wet Basisvoorziening Kinderopvang uit de kast trok en bovendien allerlei bestaande verschillen tussen mannen en vrouwen in arbeidstijden en beloning liet verdampen met een verwijzing naar keuzevrijheid en diversiteit. Maar dat Paarse beleid was wel een toonbeeld van consistentie in vergelijking met wat er nu ter tafel ligt. Want wat wordt er beweerd en wat wordt er gedaan?

Volgens het strategisch beleidsdocument is een belangrijk onderdeel van het sociaal-economische beleid het bevorderen van de arbeidsparticipatie, vooral van vrouwen, ouderen en laaggeschoolden. Maar tot concrete beleidsvoornemens leidt deze uitspraak niet. In tegendeel: de éénverdienersval wordt dieper door de inkomensafhankelijke kinderkorting in de belastingen en de eveneens inkomensafhankelijke zorgtoeslag om de invoering van een nominale ziektekostenpremie te compenseren. Door beide regelingen wordt de marginale druk op het additionele (tweede) inkomen groter en wordt het dus onaantrekkelijk om een baan buitenshuis te accepteren. Daar komt nog bij dat de prijzen voor kinderopvang (overigens een onderwerp dat verder niet aan de orde wordt gesteld) ook afhankelijk zijn van het huishoudinkomen. Dus tel uit je winst: drie inkomensafhankelijke toeslagen die vooral in het traject tot modaal ontmoedigend zullen werken. Tussen neus en lippen door wordt ook nog voorgesteld om de algemene heffingskorting te verhogen (ook voor de niet-werkende afhankelijke partner neem ik aan) dus we zijn weer bijna terug bij het traditionele éénverdienersgezin.

Valt er dan nog iets positief ze zeggen over verlof? Toch een goed issue wanneer je wilt scoren op een gezinsvriendelijk beleid. Helaas. Er wordt weliswaar een levensloopregeling voorgesteld, maar daar staat tegenover dat de financiering loopbaanonderbreking en het langdurig zorgverlof worden afgeschaft. Dit levert een netto baat op van 0.05 mld Euro. Er wordt dus in totaal minder geld aan uitgegeven. Dus opnieuw: tel uit je winst. Over het betalen van ouderschapsverlof wordt natuurlijk niet gerept. Levensloopdenken blijkt ook afwezig bij de invoering van het feitelijk arbeidsverleden in de WAO en verlenging van het feitelijke arbeidsverleden in de WW als bepalende factoren voor de duur van de loongerelateerde uitkering. Resultaat van deze verandering is, zo wordt droogjes vermeld, dat de duur van de uitkering wordt bekort. Inderdaad. En dat treft juist mensen die niet altijd en onafgebroken betaalde arbeid verrichten, in casu vrouwen.

En dan nog wat: kinderopvang gaat naar Sociale Zaken en Werkgelegenheid, zo lezen we in voetnoot 9. Nu is algemeen de klacht dat de discussie rond kinderopvang in Nederland tamelijk schraal is. Immers kinderopvang wordt vrijwel uitsluitend gezien als arbeidsmarktinstrument. De overgang van ministerie maakt deze kritiek nog meer terecht: de arbeidsmarktcomponent zal belangrijker worden en zal ten koste gaan van een benadering waarin kinderopvang ook onderdeel is van een uitgebalanceerd jeugdbeleid.