zaterdag 18 november 2017 Home Zoek Contact Veel gestelde vragen Sitemap Print deze pagina  
 
 
 
Actueel
Nieuw op de site
Dossiers
Focus
Den Haag
Emancipatie algemeen
Varia
Servicepagina
Onze andere sites
 
 Gelijke beloning
 Nieuws
 Plan van aanpak - TK 27099
 Rapporten
 Voortgezet onderwijs
 
 Naar de vorige pagina
 
 
 >  DOSSIERS  >  DOSSIERS OP ALFABET  >  DOSSIERS G
 >  GELIJKE BELONING 
GELIJKE BELONING:
INTRODUCTIE


Het dossier Gelijke Beloning bestaat uit de volgende onderdelen:

  1. Introductie: Gelijke beloning van mannen en vrouwen, een hardnekkige kwestie
  2. Plan van aanpak gelijke beloning, Tweede Kamer stuk 27099.
  3. Rapporten en onderzoeken
  4. Gelijke beloning in het voortgezet onderwijs
  5. Nieuws


GELIJKE BELONING VAN MANNEN EN VROUWEN : EEN HARDNEKKIGE KWESTIE

Vrouwen verdienen gemiddeld 23% minder dan mannen (2000)
Onderzoek van de Arbeidsinspectie in 2002 laat zien dat vrouwen in het peiljaar 2000 in het bedrijfsleven gemiddeld 23 procent minder verdienen dan hun mannelijke collega's. Bij de overheid is dit 15 procent. Dit beloningsverschil hangt samen met de verschillen in functie- en persoonskenmerken tussen de seksen, zoals:

  • Vrouwen zijn ůververtegenwoordigd in de lagere functies (29% van de vrouwen versus 14% van de mannen).
  • In de hogere functies werken bijna drie keer zoveel mannen als vrouwen: 7% van de vrouwen tegenover 20% van de mannen.
  • Vrouwen werken ook vaker in deeltijd dan mannen: 67% van de vrouwen versus 14% van de mannen.
  • Vrouwen zijn bovendien voornamelijk werkzaam in de dienstverlenende en verzorgende functies.
  • Vrouwen op de arbeidsmarkt zijn naar verhouding jonger dan mannen en hebben kortere dienstverbanden.
  • Vrouwen zijn als groep niet (veel) lager opgeleid dan mannen, maar ze hebben minder vaak een hoge opleiding.

Als de beloningsverschillen op deze kenmerken worden gecorrigeerd, blijft er toch nog een beloningsverschil over van 5% in het bedrijfsleven, en 3% bij de overheid.
Dit verschil kan duiden op seksediscriminatie.  Het kan echter ook mede het gevolg zijn van andere factoren, zoals verschillen in levensperspectief. Immers, veel vrouwen onderbreken hun loopbaan in verband met zorgtaken, en dat kan een negatief effect hebben op de beloning gedurende de rest van het arbeidsleven. Gegevens om op dit soort effecten te corrigeren, zijn nu nog onvoldoende voorhanden. 
Het sekseverschil in beloning blijkt in het bedrijfsleven en bij de overheid nauwelijks te zijn afgenomen. In het bedrijfsleven is het gecorrigeerde verschil tussen 1996 en 2000 zelfs gelijk gebleven, ondanks het feit dat veel meer vrouwen aan de betaalde arbeid zijn gaan deelnemen. Voor de overheid is het gecorrigeerde verschil slechts 1 procenpnt minder.

Bedrijfsleven:
1993:       26%          (gecorrigeerd: 9%)
1996:       24%          (gecorrigeerd: 5%)
1998:       23%          (gecorrigeerd: 5%)
2000:       23%          (gecorrigeerd: 5%)

Allochtonen 22 procent minder (2000)
De Arbeidsinspectie voerde in 2002 ook een onderzoek uit naar het beloningsverschil tussen allochtone en autochtone werknemers. Allochtone werknemers verdienen gemiddeld 22% minder dan autochtone werknemers. Na correctie voor onder andere geslacht, leeftijd, functieniveau en functiesoort bedraagt het beloningsverschil 4 procent.
Allochtone vrouwen verdienen gemiddeld 17% minder dan allochtone mannen, na correctie 6%.
Vergeleken met autochtone vrouwen verdienen allochtone vrouwen gemiddeld 17% minder. Het verschil tussen  autochtone mannen en allochtone mannen is gemiddeld 25%.
Kenmerkend voor allochtone werknemers is dat zij naar verhouding lager opgeleid zijn, en in lagere functies werken dan autochtone werknemers. Verder is bijna de helft van de allochtonen werkzaam in de industrie en zakelijke dienstverlening.

Functiewaardering
Beloningsverschillen vinden mede hun oorsprong in functiewaarderingssystemen: aan de hand van een aantal kenmerken zoals aard en gewicht van de verschillende werkzaamheden, de verantwoordelijkheden van de functie en ook ancienniteit, wordt bepaald wat de functie waard is. In die systemen kan seksediscriminatie verborgen zitten. Bureau VanDoorneHuiskes&Partners en de Universiteit Utrecht doen in opdracht van het ministerie van SZW onderzoek met het doel, een toets te ontwikkelen om functiewaarderingssystemen (preventief) op hun sekseneutraliteit te beoordelen. Het eerste deel van het onderzoek bevat onder andere een analyse van een aantal bestaande (Europese) kwaliteitstoetsen voor functiewaarderingssystemen.

Plan van aanpak gelijke beloning
In 1998 heeft de toenmalige staatssecretaris van SZW, Annelies Verstand-Bogaert, een Plan van aanpak gelijke beloning opgesteld en toegestuurd aan de Tweede Kamer. Dit Plan voorziet in een aantal onderzoeken, en ook in regelmatige rapportages over de ontwikkelingen in de beloningsverschillen. Als die verschillen niet, of in een te traag tempo afnemen, worden aanvullende maatregelen genomen, zoals:

  • het stellen van eisen in de wet waaraan een sekseneutraal functiewaarderingssysteem moet voldoen.
  • gerichte onderzoeken in sectoren waar de beloningsverschillen duidelijk groter zijn dan gemiddeld.
  • uitbreiding van de bevoegdheid van de Commissie gelijke behandeling om onderzoek te doen.

De eerste en tweede voortgangsrapportages van het Plan van Aanpak zijn verschenen in 2000 en 2002. Staatssecretaris Phoa, die deze portefeuille nu beheert, heeft laten weten nog geen aanvullende maatregelen nodig te vinden.

Wettelijke regelingen
Sinds 1975 kent Nederland wettelijke regelingen die verbieden dat mannen en vrouw voor gelijkwaardige arbeid ongelijk worden beloond. Wie meent dat dat voor de eigen situatie het geval is, kan zich wenden tot de Commissie gelijke behandeling en haar om een oordeel vragen. De vakbonden (FNV, CNV) geven zonodig advies.

Europese Unie
Ongelijke beloning van vrouwen en mannen is ook verboden door de Europese Unie, in artikel 114 van het Europees Vedrag (vroeger artikel 119). Al in 1975 is een (dwingende) richtlijn vann de EU in werking getreden die alle lidstaten voorschrijft in hun eigen nationale wetgeving een verbod ongelijke beloning op grond van sekse op te nemen. De Europese Unie brengt regelmatig verslag uit over de ontwikkelingen in de EU-lidstaten. Nederland blijkt naar Europese maatstaven slecht te scoren. Gemiddeld verdienen vrouwen in Europa 84 procent van het salaris van hun mannelijke collega. De verschillende zijn in Portugal (94 procent), ItaliŽ (91,4 procent) en BelgiŽ (92,7 procent)  het kleinst. Opmerkelijk is dat in ItaliŽ vrouwen die in de publieke sector werken zelfs mťťr verdienen dan de mannen (108 procent).
Op 29 november 2002 organiseert Denemarken - de fungerend EU-voorzitter, in Kopenhagen een speciale conferentie over gelijk loon.

Links: