Op Gelijke Voet - juni 2000 - reacties op de Meerjarennota Emancipatiebeleid

Frans Weekers, woordvoerder emancipatiezaken van de VVD-fractie in de Tweede Kamer

De nota geeft een heldere analyse van de trends. Maar die leiden niet of nauwelijks tot concrete beleidsrichtingen. Ik vind het geen enthousiasmerend discussiestuk. De staatssecretaris komt erin naar voren als aarzelend in regeerstijl. Ze lijkt geen keuzen te durven maken. Het is veel te vaak: "Dit moeten we nader uitwerken". Ze komt in het najaar 2000 pas met een echt beleidsplan. Dat stelt me teleur, want de Kamer heeft expliciet gevraagd om een concreet kabinetsstandpunt. Ik vind deze nota veel te vrijblijvend. Aan de andere kant: Ik kan me wel iets voorstellen bij de werkwijze van mevrouw Verstand. Het is goed iedereen gelegenheid te geven mee te praten.

Ik hoop dat dit leidt tot meer aandacht voor diversiteit. Dat is een belangrijk begrip, dat moet dieper en concreter worden geanalyseerd: op leeftijd, etniciteit, validiteit.
Wat mij betreft komt er in de uiteindelijke Emancipatienota speciaal beleid gericht op allochtone jongens en mannen. Ik constateer dat in sommige islamitische culturen de jongen op een voetstuk staat. Er zijn kleuterjongens die de baas spelen over hun moeder. Dit kan leiden tot een grote kloof tussen met name de Marokkaanse jeugd en de Nederlandse opvattingen over sekseverhoudingen. Ik wil de staatssecretaris vragen hoe dergelijke ontwikkelingen kunnen worden afgeremd. Misschien met speciale voorlichting?

Ik geeft toe, er is al veel bereikt op het gebied van gelijke rechten. Nu liggen er vooral culturele obstakels: in organisaties, instellingen, gezinnen, en individuen. Het moet voor mannen normaler worden om te zorgen; voor vrouwen normaler om de regie over de zorg los te laten. Dat zijn lastige kwesties. Daar heb ik ook geen pasklare oplossingen voor. Je kunt stimuleren, mogelijkheden creŽren, good practices adverteren, maar concrete maatregelen?
Ik vind het jammer dat er niets actueels is toegevoegd aan het beleid omtrent arbeid en zorg. Meest in het oog springend is dat de staatssecretaris lijkt aan te sturen op betaald ouderschapsverlof. Nee, daar ben ik niet voor. Dat werkt contra-productief. De drempel om vrouwen in vaste dienst te nemen wordt daar alleen maar hoger van. Want in de praktijk zijn het vooral vrouwen die zorgverlof opnemen. Daar zullen werkgevers op anticiperen. Ik geef toe dat hetzelfde risico meespeelt bij het recht op onbetaald verlof. Zolang meer vrouwen dan mannen van verlofmogelijkheden gebruik maken, blijft het aannemen van mannen een "veiliger" optie, helaas. De bedrijfscultuur is te vaak nog zo dat je niet vooruit komt als je niet fulltime beschikbaar bent. Dat is met name in het midden- en kleinbedrijf een groot probleem. Ook dat is zo'n cultureel obstakel. Maar voor kleinere, individuele werkgevers is een wettelijk recht op betaald verlof echt te duur. En sowieso geldt: duurder maken van arbeid is een onverstandige weg. Dat hebben we in de jaren tachtig al meegemaakt. Welke maatregelen je ook kiest, ze moeten niet afhankelijk zijn van de conjunctuur. Ook als de economie terugloopt, moeten ze te handhaven zijn. Wat mij betreft is recht op onbetaald verlof daarom voldoende. En zelfs dat stuit op culturele bezwaren. Ik heb zelf als Kamerlid geen recht op ouderschapsverlof. Mijn vrouw werkt in de gezondheidszorg, waar dat wel geregeld is. Maar toen ze na de geboorte van ons derde kind drie maanden verlof opnam, kreeg ze ontzettend veel kritiek. Vooral van vrouwelijke collega's, nota bene. Er zijn nog verrassend veel mensen die het hebben van en het zorgen voor kinderen als een zuiver individuele privť-verantwoordelijkheid waarderen.

Over de experimenten met de dagindeling ben ik wel heel enthousiast. Ik ben voor allerlei stimulansen om om onorthodoxe manieren de tijd-ruimteproblemen te bestrijden. De resultaten van de experimenten wacht ik met spanning af. Ik verwacht er veel van.

Met de benadering van de kinderopvang ben ik het weer niet eens. Dat wordt teveel vanuit aanbodzijde benaderd: de gemeenten moeten maar meer opvangplaatsen creŽren. Nee, we moeten het voor ouders aantrekkelijker maken om kinderopvang in te huren bij particuliere instellingen. Bijvoorbeeld via fiscale stimulansen. Ik stel me zo voor dat we kindgebonden opvangbudgetten introduceren. Dan maakt de ouder zelf uit waar zijn kind naar toe gaat.

Ik heb nog een concreet advies aan mevrouw Verstand: onze sociale en fiscale stelsels kennen nog steeds facetten van het kostwinnersmodel. Ga die nu eens minutieus uitpluizen en haal alles eruit wat een premie zet op het thuisblijven van een partner. Zo zijn er best meer concrete maatregelen te bedenken. Ik vind dat we alle cao's moeten scannen op discriminerende elementen. Vorig jaar bleek mij dat sommige cao's wel kinderopvang voor de vrouw en niet voor de man bieden. Zulke cao's moeten gewoon niet meer algemeen verbindend worden verklaard. Dit is ook zo'n maatregel die niet al te moeilijk is te realiseren".

Terug naar boven
Terug naar overzicht reacties op Meerjarennota in Op Gelijke Voet, juni 2000
Terug naar overzicht Pers over Meerjarennota